Biografie van Mandy Eggerding

Mandy Mariska Eggerding studeert poezie aan de schrijversvakschool in Amsterdam. Zij werkt momenteel aan haar eindwerk onder begeleiding van dichteres Sasja Janssen. In 2019 won zij de Meander/Rob de VosPrijs met het gedicht - In alles. Begin 2020 werd zij genomineerd voor de Debutantenschrijfwedstrijd en uitgenodigd voor Dichters in de Prinsentuin. Meander publiceert begin januari 2021 een interview met haar tezamen met een drietal gedichten. In het voorjaar van 2021 is nieuw werk van haar te lezen - een cyclus van negen gedichten - in Het Liegend Konijn.
2020
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    2912

    *

    Top 100
    In de nacht plaats ik handen
    vol zachte dieren over je ogen
    trek het donker als een pad
    waar we onze nat gedragen haren
    rennend drogen wilde paarden
    manen langer dan je lach
     
    zeg ik zachter dan er wereld is
    waar het licht is waar je licht vat
    draaf ik door omdat omdat
     
    door de wind langs vlaktehuid
    op benen - wangen armen lang
    lichaam borst - ik de haartjes voel
    mijn dier en het precies daar is
    hoe het bedoelt
     
  • 2
    2704

    nagelaten

    Top 1000
    Ander licht. Zoals de zwaluw haar zwarte kinderen. Het donker
    over mijn handen. Ogen luiken. Dit hier is geen antwoord. Ook ik
    kan er niets aan doen en zie alleen maar een grote grauwe troep
    naar het einde vluchten. Maar Jan, geen zelfverkozen dood
    of één in rampspoed of berusting - verandert daar iets aan.
    Ik zeg het je.
     
    Zet de kinderen op hun voeten. Leer hen vertrekken. Zonder.
    Geef hen water om door de vingers te glippen. Genoeg
    koosnamen om in te schuilen. Punnik los wat alsnog blijft haken.
    Rafel de handen tot stroming. Laat ze luisteren naar het gekabbel
    over de bodem. Hoe daar. Rollend. De kiezels zich glad. Rek ze
    langzaam tot een oppervlak. Uitmondend in zee. Wens ze
    een eigen mui en de kracht van omslaan.
     
    In de wetenschap dat alles verdampt. Blauw. En terug zal vallen.
    Ook. Het liefst natuurlijk klaterend op een dak. Stortbakken
    door de straten. Laten we ze laten. Terugstromen. Druppelend
    langs de wanden druipend. Kelders vol gutsend. Sluierend
    over een open veld.
     
    Want Jan ja, wat anders.
  • 3
    2486

    taraxaco

    Top 1000

    Buiten vraag ik - ins blaue hinein - wanneer gaat het weer eens over mij?
    Voet voor voet uit mijn lichaam gelopen wordt het helder
    in mijn hoofd. Draag ik het door de velden. Gefluister.
     
    De eksters - altijd samen - pikken scherpe snavels in de grond. Wortels.
    De boom barst uit haar vel druipt de hars.
    Mijn vraag
    echoot. Kruinen hoog wuivend.

     
    Hebben ze me niet verstaan? Een ondiepe plas zuigt aan voeten. Blijf
    staan. De reiger strijkt zijn jas en vliegt. Het stro aan de waterkant

    als dunne mannen - buigt zich klapwiekend open. Geen van hen breekt.
     
    Zuignappend trek ik los. Voetstappen blubberend. Kies ik
    het veld. Stap moedig door. Zo denk ik. Een schaap kauwt haar vragen 
    weg achter prikkeldraad. Open handen kan ik geven.
     
    En waar gaat het weer over mij?  Vraag ik. De kudde verderop kijkt op. Ik val
    in herhaling. Sloot en molshoop. Hun antwoord blatend. Een zoemend storen
    bij mijn mond. Geen stuifmeel aan mijn lippen.
     
    Hoe geef je door wat onduidelijk in een lichaam ligt. Pluk de paardenbloem.
    Blaas wat vruchtpluis naar de zon. Uit de gekneusde steel druipt melk.
    In de verste verte geen zinnig mens.
     
     
  • 4
    2485

    veranderend licht

    Top 1000

    Het lichaam heb ik uitgerekt. Het juiste shirt gevonden.
    Koffie gezet en de gordijnen geopend. Er is gedacht
    dat de buurman nog niet wakker was, dat de droom
    een vreemde was waar we ons verplaatsten onder water.

    Het kind is uit haar slaap geaaid. De katten gevoerd
    en gekroeld. Het snorren is genoteerd. Brood is
    gesmeerd. We hebben de tijd bekeken. Gepakt.
    Water getapt en de sokken, goddomme, gevonden.
     
    Ik heb zelfs geveegd en het gelekte water gedroogd.
    Er was het kammen van de ellenlange haren. Ik heb
    gekeken hoe mooi. Geroken hoe zacht. Ik heb
    gezwaaid en gewacht tot ze de straat uit was gereden.
     
    Ik heb me omgedraaid, de deur dicht gedaan, een
    derde koffie gepakt en voor de zesde keer dit uur
    gedacht aan het veranderend licht en hoe traag
    de dag begint als het buiten nog donker is.
     
  • 5
    3339

    zoveel liever

    Top 1000
    Blijf water. Blijf water. Het is een stromen en gaan. Ik kan
    je niet vertellen wat ik hier doe of waarom. Met jou. Dit druilen.
    Het glinderende van dit inferno. Stuitend. Ik zeg ja en amen
    maar ben zoveel liever het afdrijven.
     
    Steek handen in mij. Draag weg. Het maakt niet uit waar je denkt
    dat het nodig is om iets te laten groeien. Daar zal ik voor je
    bloeien. En blijven.
     
    Blijf water. Blijf water. Het is een laten en staan. Ik kan je niet
    vertellen wanneer of waardoor. Wij. Dit klinkende. De octaven
    van deze purgatorio. Huiverend. Ik zeg ga en vermenigvuldig
    maar ben zoveel liever het afdrijven.
     
    Stap met voeten op mij. Zink in. Het maakt niet uit waar je nodig bent
    deze tijd vraagt om rust en een blijven. Daar zal ik voor je
    omhelzen. En vloeien.
     
    Blijf water. Blijf water. Het is een weten en dragen. Ik kan
    je niet vragen om jezelf te zijn. Jij. Elk gebaar. Het droevende
    van dit paradijs. Ik zeg eindig en begin uit eenzelfde
    maar ben zoveel liever het afdrijven.
2019
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    2116

    Blazen tegen glas

    Top 1000
    Van alles wat ik eerder wilde vergat ik het belang, de adem
    blazen tegen glas en namen schrijven, dansen
     
    over bevroren grachten in de nacht gaan liggen
    op het koude ijs zeggen dat het kraakt, de handen vast
     
    het zuchten van water horen, lippen vastgevroren, niet
    het ijs likken, de klaterende lach in brokjes tussen onze vingers
     
    de voeten voorzichtig langs het wak - ook dat - het terug
    op de kade klimmen het duiken in de portieken
     
    de weg vervolgen van blazen tegen glas en namen
    schrijven het belang vergeten zonder jou.
     
  • 2
    2291

    De cursus

    Top 1000
    – hoe mannen denken kun je leren – lees ik
    ik denk aan onwillekeurige mannen die ik ken
    hoe ik denk dat zij denken dat ik over hun denken denk
    of hoe ik dat moet leren

    het beste is te luisteren denk ik en niet steeds weer kijken
    naar de gesticulerende handen of de ogen en het hoofd
    als ik dat doe moet ik niet nadenken over hoe hij kijkt
    of noteren dat hij wegkijkt zijn hoofd draait
    handen in zijn zakken stopt of denken dat ik weet
    wat hij daarmee zegt of wat hij zo zal zeggen

    als hij kaal is moet ik daar niet aan denken
    ik moet blijven luisteren juist ook
    als ik bijvoorbeeld water inschenk
    en er dan niet aan denken dat ik bier heb beloofd
    ik moet wat straks nog moet even laten
    aan één ding denken niet denken aan werk
    ook niet aan chocolade

    geen dingen terug stoppen of recht leggen geen pen
    en papier pakken en ook niet ergens op tekenen
    geen kosten berekenen welke dag of welke maand
    in welk artikel dat ook alweer staat
    alleen maar luisteren moet ik denk ik
    en als dat niet lukt

    kan ik altijd nog de cursus volgen
    dat kan dus ook
  • 3
    2288

    Hier hebben we geen dode potvis

    Top 1000
    Ik schuif de bewegende beelden door
    koeien die niet meer kunnen lopen
    uitgemolken een volgend beeld
    haar hulpeloze kroost een man
    redt een katje een volgende een wolf
    jongens werpen jonge honden

    help – teken hier

    doorgeklikt herhaalt de wereld zich
    met iedere bevestiging verklein ik mijn wereld
    ik centreer rond dierenleed plastic afval
    chia zaden en smoothies

    ‘fastfood is schadelijker dan roken’
    ergens moet je dood aan gaan ergens
    ga je dood ergens ga ik dood
    ik denk in mogelijkheden
    deze wereld belooft niet veel goeds
    in 2050 zal de politieke hoop (on)gegrond blijken

    kinderen zingen op straat
    verlaten de scholen verzamelen zich in het park
    kijken draaien ruiken elkaar roken
    voor het eerst een sigaret schuiven handen
    over lichamen wie niet weg is – is gezien
    een meisje telt tot tien en zegt –

    ik kom.
  • 4
    2148

    Vandaag stel ik mezelf een lager doel dan haalbaar;

    Top 1000
    drie minuten langer liggen na de eerste vingers licht op de kaal-
    gestreken muren luisteren naar de buren hoe blij de kinderen
    uitgerust een dag om te beginnen vinden,

    achteruit de balustrade afglijden – het hoofd als laatst beneden –
    denken over voedsel en dat genoeg vinden voor koffie-
    drinken en schrijven,

    denken over muziek luisteren, op de vloer gaan liggen
    – afvragen of je onbeschadigde trilhaartjes in oren kunt tellen –
    op het plafond een spin een web zien weven,

    eventueel naar buiten mochten er dingen nodig zijn
    en daar over denken – wat nodig is.
2018
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    813

    En wacht

    Top 1000
    Ik trek mijn wolfskleren aan en nestel me
    op dit onmogelijke uur tussen de dieren
    op de bank. Zij slapen nog dus drink ik
    heet water en wacht. Straks vertrekken we
    ik voel het in mijn benen.
    Het dak op.
    Daar is iedereen. Zusjes, dieren mijn kinderen
    volgen elkaar op de voet. We huilen
    naar de maan. De nacht zal rond zijn, blauw en goed.
  • 2
    3637

    Schipbreuk

    Top 1000
    Het was nacht en aardedonker in de straten
    onze voeten stuwden zoekend naar de randen
    van de stad, waar de bomen verzamelend als bos
    het buitenbad omarmden en het hek
    zonder punten maar twee meter hoog was
     
    bleek licht over de lege zonneweide, bleek licht
    over gevallen kleren op het gras, onze
    tenen in het maanblauw water
    onze witte huiden gehuld in het vloeibare glas
     
    jij streelde een vissenstaart van mijn benen
    noemde mij jouw Lorelei, we zongen ons
    tegen de rotsen, zo wilden we blijven eindigen
    zeiden wij
     
    aan de rand van andere steden
    wacht nu steeds het buitenbad, hoor ik
    de Sirenen zingen over vergane schepen
    nachtblauw witte benen, het breken
    van vloeibaar glas en dat niets kan blijven
    wat het was
     
     
  • 3
    815

    Valversnelling

    Top 1000
    Je hebt je kinderlichaam teruggevraagd
    smalle armen, benen, zelfs het korte haar
    zo op je zij een meisje

    ze hebben je weer passend gemaakt
    dat duurde even, een ziel sublimeren
    ik weet ook niet hoe dat dan gaat
    met al dat verzamelde leven

    hoe dan ook toen het klaar was
    was het lichaam leeg
    we hebben je daarna nog wel gezocht
    vouwden je open, aaiden je wangen
    handen, benen

    we zijn blijven wachten op het kraken
    van de trap, het kloppen op de deur
    we hebben niets gehoord
    zo stil als het huis groeide

    in deze hoop paste uiteindelijk niets
    we hebben de ramen geopend
    en met de lucht die binnenstroomde
    vielen de wanden uit hun voegen
    een zootje, zoveel puin

    alles bleef maar vallen
    het meisje op de fiets, de was
    jouw achtergebleven jas, de regen.
    zo ging het los, niets leek nog licht
    genoeg om te dragen, vallend

    de sleutels uit de handen, wimpers,
    jouw lach, de muziek uit de woorden
    kleren, handen, de nacht, mijn haren
    uit de staart, borsten en alle dromen
    er bleef niets over
  • 4
    1897

    Zo de dagen

    Top 1000
    Nu je bent gegaan heb ik de deur gesloten
    en ben gaan zitten. Dat moest wel.
     
    Voorzichtig langs de scherpe randen ademend
    ben ik tegen de ochtend opgestaan.
     
    Ik heb de lakens gladgestreken, de vuile was gedaan
    bloemen gezaaid in de lege pannen, de lege borden
    je lege mok.
     
    Ik heb zelfs de buren nagezwaaid
    toen ze langs de ramen reden
    niet te lang maar nonchalant.
     
    Ik hoef geen koffie
    wil geen bezoek om aan te schuiven.
     
    Ik moet ruimte houden voor als jij je bedenkt.
    Dat gebeurt wel vaker zeggen ze.
2017
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    2520

    En dat je het daar dan mee moet doen

    Top 1000

    Om de hoek lag fluisterend de zondagochtend
    door de straat, slordig weggevouwen feestgedruis
    druipt af, de hoek om. Een T-shirt met korte mouwen
    hangt vragend over een gevallen fiets, een half blikje bier
    bleef achter, iemand vergat zichzelf.

    In zijstraten verstopt het laatste verlangen zich
    zuchtend achter de gordijnen. Deuren worden gesloten
    en huizen werpen hun baljurken uit
    nu de straatverlichting dooft. Ze staan met naakte muren,
    wachten rillend op de nieuwe dag, dit uur.

    En dan ik, nooit zo vroeg hier, wel laat, passeer,
    twee onrustige ballonnen op de stoep, lange draden
    verloren geluk, blaffen hun verlatingsangst
    naar de enkele voorbijganger, naar mij.
    Hoor ze roepen ‘hier zijn we, hier is het feestje!’,

    deinend, vastgeketend aan de stoep. Een omhelzende
    5 en 2 verwisselen van plaats. Ik kijk weg,
    opzij, in winkelruiten die op dit uur, zo zonder licht,
    alleen je spiegelbeeld verkopen
    en dat je het daar dan mee moet doen.
  • 2
    2512

    Stille vogels

    Top 1000
    De ziekte kwam zitten als stille vogels
    op het dak. We huilden noodweer
    achter gesloten ramen. Oud worden,
    vakanties, een nieuwe jas, ze dropen
    als straaltjes over het glas, verdwenen
    beneden in de rulle aarde.

    Tot de tranen stopten en we zwegen.
    Ons voorhoofd legden tegen de koude ruit.
    Naar buiten staarden en bezweringen fluisterden
    naar de nacht, met neergeslagen ogen keken
    hoe ontwakend niets meer zeker was.

    De onmogelijkheden geteld
    plaatsten we de dagen terug, als een kleine adem
    onder vogelveertjes. Het ritme kwijt
    lopen we nog nauwelijks in pas. Verzinnen
    schuilplekken voor een onverwachtse bui.

    De avond komt, ook nu in deze dagen,
    daar kunnen we niks meer mee
    dan er niet teveel zijn. Het is wachten op licht,
    zuchten en vleugels spreiden, tegen de logica in
    opstijgen. Boven de stille vogels uit, de zon zoeken
    in het zwart, verschroeide lucht ruiken, branden

    (en toch gaan.)
  • 3
    2519

    Zoiets

    Top 1000

    Als dan het stille van je blote voeten
    op de grond, of bijna, onder je koude benen,
    zich krult om je tenen, niet bewegen, zittend
    met je rechte rug naar de wereld

    en de wervels zich stapelen als een pilaar
    voor je smalle hals. Waar je niet buigt, opzij,
    je hoofd zo zwaar zal vallen, als, laat je je handen
    naast je heupen, leunen op het bed, zodat alles

    zo stil. In het late licht door het raam,
    dat aait, door los gevallen haar,
    je daaronder ademt en blijft.

    Zo moet pijn zijn, weggekropen,
    waar je kijkt naar binnen als naar buiten
    dat het zwijgt en tijd zich laat verstrijken.