Biografie van Natasja Kraijer

Nog geen profiel opgegeven.
2020
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    5430

    Cut off

    Top 1000
    Toen mijn moeder een dag na mijn vijfde verjaardag vertrok, richtte mijn vader zich op het stoppen van onze tranen en maakte zijn roemruchte kunstobject: een rozerood, licht doorschijnend peervormig figuur met rimpelige rode banen waardoorheen vloeistof pulseerde. Om de ketting waaraan het bungelde, kronkelde een elastische paarse slang die voor de navelstreng door moest gaan. Het kwam in een donkere kamer van een museum te hangen waar men zich als onderwater waande. Geluiden galmden: een kloppend hart, gesis en geborrel, bedompte stemmen.
    Cut off was interactief. Bezoekers mochten er inklimmen, een persoon per keer. Een tijdelijke baarmoederbewoner mocht er op basis van een innerlijk gevoel een tijdje verblijven en kreeg twee touwtjes in handen. Met de ene kon het object op en neer worden bewogen, met de andere heen en weer.
    Een camera legde alles vast en van het materiaal werd een art film gemaakt die gaandeweg steeds meer aandacht trok, met name vanwege de scène met de tijdelijke baarmoederbewoner Tony V., een veertiger die, er eenmaal in, de foetushouding aanneemt, een duim in zijn mond stopt en geen aanstalten maakt om de ingenomen plek te verlaten.
    Waar de gemiddelde verblijftijd vier minuten was, werd Tony V. na twee uur door de cipier met het verzoek om eruit te gaan wakker geschud. Het tot krijsen aanzwellende huilen ketst vervolgens tegen de muren, waardoor Tony V. zijn stem verliest en ook eindelijk krijgt.
    Bij het gat waardoor hij ook naar binnen was gekomen krijgt hij de ballen die hij tot dan toe niet had en laat zich vanaf een halve meter hoogte op de grond vallen.
    In bladen en op tv en verkondigde hij steeds hetzelfde: ‘Ze trekken je er gewoon uit, de koude realiteit in. Ik was er niet aan toe.'
    Een van de kranten kopte: “Tony V... voor de eerste stapjes levensmoe.”
    Mijn vader verkocht Cut off aan een kunstliefhebber die zich thuis als een adult baby gedroeg en een vrouw betaalde om een verzorgende moederrol aan te nemen. In een poging om het door mijn moeder ingeslagen gat enigszins te dichten, stortte mijn vader het grootste deel van de opbrengst op mijn spaarrekening.
    Ik vroeg of ik met het geld mijn moeder van het eiland kon laten terugkeren waar ze met de intentie om zich voorgoed van ons af te steken naar toe was gegaan, en of ze dan misschien een echte moeder zou willen spelen en niet meer weg zou gaan.
    Mijn vader had toen wat uitgeblust voor zich uitgekeken en zijn vlezige armen ten hoogte van zijn buik over elkaar heengeslagen. ‘Nee. Met geld kan veel, maar niet alles.’
    En zo kwam het dat ik op mijn eenentwintigste van het geld een eigen baarmoederschommel liet maken, een tiny house kocht en het daarin hing. 
    Als ik er in lig voelt het gat iets kleiner, misschien.
2018
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    4500

    De winkel van de Kunst

    Top 100
    Op de hoek van mijn straat is een uiterst klein winkeltje
    waar bijna nooit iemand naar binnengaat.
    Het heet De winkel van de Kunst.
     
    Voor een keer stap ik over de drempel.
    Ik zie een man die achter de balie staat.
    Hij draagt een ooglapje,
    ik weet niet waarvoor.
    Er zal vast sprake zijn van een bepaald gemis.
    Met mensen met een ooglapje is er doorgaans wel iets bijzonders aan de hand.
    Aan de andere kant weet je vanaf je eigen stand nooit precies wat de ander ziet.
     
    Een aantal mensen waaien aan,
    echt storm loopt het niet.
    Eenmaal alleen met de halfziener, tovert hij een glazen pot met stuiterballen tevoorschijn.
    Hij kiepert de inhoud leeg. Al die ballen stuiteren in het rond.
    'Zie,' spreekt hij. 'Alles valt uiteindelijk samen en stuitert op de grond, da’s geen kunst.
    Wel om jezelf voortdurend op te rapen, en jezelf bij elkaar.'
     
    Ik wil graag hier vandaan,
    toch vraag ik wat het kost.
    Hij antwoord: 'Ik kan het niet minder maken dan het is.'
     
  • 2
    2630

    De Z

    Top 1000
    Zo gek is dat, de behoefte om zinnen te beginnen met een Z,
    alsof ik het einde meteen wil hebben.
    In ieder geval in zicht.
     
    Inzicht dat ik het begin van het einde al wil zien,
    of een eindigend begin.
    Het allemaal voor willen zijn
    en gaan.
    Vooraan staan, zodat ik zo ver mogelijk vooruit kan kijken
    tot het niets er is.
     
    Dat als ik met de A zou beginnen dat vanzelf leidt tot de Z,
    maar misschien gepaard met meer lijden.
    En misschien sla ik dan ook wel te veel over.
    Of ga ik te snel.
     
    Zo frappant dat mijn kruidenpotjes altijd wat vettig in het rekje staan, ook al heb ik ze met een natte doek schoongemaakt en gedroogd met een droge.
    Zo bijzonder dat er altijd sporen van dingen achterblijven,
    en te verdienen zijn.
     
    Zee. Vroeger wilde ik er altijd aan wonen,
    maar dat idee ebde al snel weg.
     
    En nu heb ik ook nog de behoefte om te eindigen met de Z.