Biografie van F.A.Brocatus

Nog geen profiel opgegeven.
2019
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    815

    Danseres

    Top 1000
    nee, ik wil geen beslag op haar leggen,
    geen uur of tijd afbakenen waarop ik
    haar spreek of tekens naar haar stuur

    maar het is, sinds ik haar stem hoorde,
    alsof mijn stem op de schaal van haar
    stem komt te liggen: een stemstilleven

    de spagaat die ze maakt duwt onze woorden
    uit elkaar en ik zou willen dat onze taal
    een onderkomen vindt in beweging, in dans

    nee, ik wil geen ijzer rond haar smelten
    in de kom van haar heupen leg ik handen
    ik spreek zoals vingers op haar borstbeen.
  • 2
    816

    De hynders fan Marrum

    1e ronde
    Yn de nachten it sâlt de wyn
    de see en dreamen fan stiennen
    yn'e skonken. It gers yn'e fierte

    noch net befretten. Hoe't fjouwer amazones
    yn Marrum harren hynders de leien oanlizze
    en sealje. Yn harren eagen de eangst

    fan'e wetterhynders, harren hakken
    dy't efkes de spoaren prykje litte. Skulpsân
    ûnder de folgjende hoeven. Sjoch se tellen

    skonk nei skonk, de hollen wrinzgjend
    skodzjend op'e grins tusken wetter
    en opnij te beweidzjen lân.
  • 3
    817

    Kamer met uitzicht

    Top 1000
    Stadstorens spelen haasje over, schoorstenen
    lijken te bewegen, kale boomkruinen duwen wind
    weg. Vannacht liep een blond meisje in een rode
    jurk en witte lakschoentjes door de gangen.

    Je kon niet zien hoe laat het was want ze hadden
    de klok weggehaald. Nee, het huis is niet afgebroken.
    Het is verkocht aan een electricien. Groen licht streept
    onder de deur. De vrouwen hebben exotische namen:

    Bonita heeft een paardenstaart en Thirza korenbloem-
    blauwe ogen. De vingers van Bonita bewegen snel
    over de toetsen van een druppelteller. Ondertussen
    vouwt Thirza in enkele handige slagen het dekbed

    tot onder de kin. Voorlopig tot daar, nog niet verder.
  • 4
    818

    Landschap

    1e ronde
    Je hebt een rode naam en het ontcijferen van
    wegwijzers op ooghoogte is je toevertrouwd.

    Het landschap waardoor je reist is
    metaalkleurig. Roestig als je pauzeert.

    De horizon richt zich op. Je hoort het geluid
    van een mes dat wolken losmaakt van bomen.

    Jouw bloedbanen raken in de knoop als
    een blikken stem zegt: bestemming bereikt.
2018
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    5178

    Ik heb je lief

    1e ronde
    IK HEB JE LIEF

    Want ik heb vaak deuren achter je gesloten
    om je in vele kamers te bewaren. Het huis
    heeft je verzameld: overal kom ik je tegen.

    Ik heb je lief en kan het niet, nooit helpen
    dat ik haper. Ik leg de juiste woorden op de
    verkeerde plaatsen en omgekeerd. En toch

    weet ik dat je mijn sporen leest en rond
    jouw kern van stilte het gaas van trage dagen
    over mijn doorwaakte nachten spant.
  • 2
    5181

    Soms vallen er engelen

    1e ronde
    SOMS VALLEN ER ENGELEN


    Er is noodweer en wij willen vrede. Landschappen
    en woongebieden liggen als achtergelaten, schepen
    bijten zich vertwijfeld vast in woelig water, lucht
    en horizon vormen een gehechte, gelittekende mond.

    Waar wij vallen proberen wij elkaar op te rapen.
    Wij zijn onhandig, uitgebeend. Wij strekken ons
    uit als grijpklaar, lillend vlees op de mesrand
    van een dwingende en steeds luider tikkende tijd.

    Wij kennen vele cycli van bloeden in aarde,
    van ademen onder water. Wij valschermen,
    tasten, haken met onze vingers in elkaar.

    Soms openen schaduwen zich en vallen er engelen
    uit een wolkenvolle hemel. En niet wetend wat te doen
    knippen wij hun vleugels of binden ze samen.
2017
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    6698

    Bij een zwart-wit foto

    1e ronde

    Nee, je stuurt me geen foto
    van de kleine driehoek waarin
    ik je meermaals heb gedicht.

    Je kijkt me aan zwart-wit 
    en in een lange luchtige jurk.
    Ik adem dieper en blaas uit

    maar het is tevergeefs je blijft
    roerloos en mijn ogen schuiven,
    bedekken alleen jouw gezicht.
  • 2
    6701

    Een kleine geschiedenis

    1e ronde

    Je kent de pijlrechte weg langs de zee
    en je matigt snelheid. Je haalt het water
    niet in, tornt de naden niet los.

    De maan is een gemorste melkvlek,
    een blind oog dat ingepakt wordt
    door voortjagende wolken.

    Je zwijgt en daalt op blote voeten af
    in je geschiedenis. Je kijkt niet waar je loopt
    want daar is het te laat voor. Je geheugen

    ligt in de mal van dit voor jou uitgesneden
    landschap. Boomkruinen zeven licht en donker,
    takken plooien zich tot het stuur in je handen.
  • 3
    3794

    Spergebied

    1e ronde

    Wij hoopten op regen en stonden als lege flessen in onze morsige achtertuinen
    waar iemand weer vergeten was de schoppen en de harken in de houten 
    tuinschuurtjes te zetten. Het tijdstip van rozen plukken en noten rapen was nog
    meerdere buien van ons verwijderd. Wij vielen uit onze jurken en onze hemden.

    In welke talen droomde je? Ik kende je voorkeuren, roder kon je ze niet maken.
    Je lippen lispelden vervoegingen in de taal van Voltaire, je ogen strooiden kwistig
    met naamwoorden in de taal van Dante. Je was ongrijpbaar en ik probeerde mijn
    handen uit in mijn moedertaal van klei. Hoe zou ik je ooit kunnen boetseren?

    Er waren dieren die alleen 's nachts bewogen. Ik vulde je holtes met eekhoorns
    en bevruchte eieren. In folie verpakte ik de liniaal waarmee ik eerder de afstand
    van licht tot donker mat. In het ronken van je keel verstopte ik de schilden van
    nachtkevers, de vleugels van vleermuizen. Ik bewaakte je met houten kraaien.

    Wij waren ongehoorzaam en verborgen ons in holle bomen. Wij droogden 
    mossen en sliepen tussen hangende takken. De regen kwam eerst stotterend,
    daarna geselend. Wij droegen klokken op onze ruggen en koperen kelken, wij
    dronken en kleefden als schorsen. Onhoudbaar beminden wij in het spergebied.
  • 4
    3790

    Vrouw in kimono

    1e ronde
    Haar kamers herbergen een instrumentarium
    voor haar kleinkinderen. Sinds kort heeft ze
    ook twee katten. In het woonkameraquarium
    schuiven vijf goudvissen over de bodem.

    Een asbak staat buiten op de kooi waarin drie
    tamme konijnen zich ontfermen over groentenafval.
    De meeste van haar dagen verlopen in een
    verkleurde kimono. Op het scherm van de computer

    in de slaapkamer opent zij een wereld. Zij is alleen.
  • 5
    2525

    Wij.Vele nachten

    Top 1000




    Wij zijn elkaars lichaam
    en ruilen ons: dan jij het glas,
    ik het raam.

    Kierend licht is een roerstok
    die onze ogen beroert en schaduwen
    oplost in de verduisteringsgordijnen.

    Wij omspannen elkaar, schuiven
    het kapseizend donker op en wrijven
    sterren tussen onze vingertoppen.

2016
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    1714

    De klank van kale kamers

    1e ronde
    staat mij niet toe alle kleuren te herscheppen.
    In het strompellicht van de kortere dagen buig
    ik het hoofd en stuur mijn handen weg. Ik weet
    dat ik niet meer genees als zij dichter komt.

    Aan een lege tafel zoekt zij mijn handen terwijl
    wij ons verliezen in een haperende gebarentaal.
    Zij zegt dat zij steen drinkt uit mijn gestolde keel.
    Mijn ogen wachten in een leeggegrazen weiland.

    Tot aan, en niet voorbij, onze bloedgrenzen plooien
    wij onze veelkleurige herinneringen, verzetten wij
    ons tegen het verbranden aan kwetsende antwoorden.

    Wij bergen onze schaduwen in het strompellicht,
    blinddoeken de avond, waken aan weerszijden
    van spiegels en weten niet wie wie kan zien.
  • 2
    8626

    De man met de schaar

    Top 1000

    Ik zat bij het laatste bed
    van mijn vader. Zijn stem
    was nog sterk, zijn woorden
    hielden de wolken tegen.

    Het was middag. Ik werd
    weer zijn eerstgeboren zoon.
    Mijn vader knoopte het touwtje
    van de kobaltblauwe ballon,

    die ik gekregen had, rond mijn
    mollige pols. Het was middag.
    Om tien uur 's avonds zou
    de man met de schaar komen.
  • 3
    8637

    Je opent niet

    Top 1000

    Je wacht op haar lippen wegens een
    seinstoring rijden er geen treinen
    er zijn autobussen ingelegd ergens
    stift zij haar lippen ondergoedroze.

    Zij vraagt zich af en bestelt dan toch
    een glas rode Italiaanse wijn je bent
    onderweg in een ingelegde lijnbus en op
    de achterbank zoenen twee 13-jarigen.

    Ze telt haar vingers en slaat haar
    blote benen over elkaar ze zijn zacht
    ze heeft zich opgewonden voorbereid.

    Je draagt je vingers in je hand de kleuren
    van haar ogen komen dichterbij en je opent
    je opent maar niet met lang bewaarde woorden.
  • 4
    8632

    Misschien

    1e ronde

    misschien was het een voorwerp
    dat hij onbewust verlegd had
    en werden zijn handen toen

    voetstappen die zijn zwijgen

    ondertitelden misschien hielden
    zijn woorden het gordijn vast
    toen hij het raam sloot
  • 5
    1715

    Nee, vandaag niet

    1e ronde
    de 
    zwaluwen
    worden zwaar

    ze 
    kleven op het
    licht
  • 6
    1713

    S. heeft k.

    1e ronde
    Ik wens haar een seizoen waarin
    ze geneest. Dat haar tong niet verdrinkt
    in het brakke water van verlies.

    Ik wens haar een seizoen waarin ze geneest.
    Een seizoen waarin het mes dat op haar borst
    staat een lepel, een handpalm wordt.
2015
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    3833

    Wij moeten niet zeggen

    1e ronde

    dat wij geen brieven meer schrijven. Wij kunnen niet

    blijven treuren bij het water en onze zinnen die in zee

    verdwenen. Hoeveel antwoorden hebben wij ons al

    gegeven? Onze handen hebben een feilloos geheugen.

    Hoe vaak hebben onze spieren zich gespannen en 

    werden wij vloeibaar en onbegrensd? Jij kunt het zeggen

    want jij bent de boekhouder van onze liefde, ik ben

    slechts de hovenier die landschappen uit elkaar haalt.

    Wij weten dat de aarde nooit meer zal genezen

    en dat alleen onze lichamen onze namen kunnen

    uitspreken. Altijd zullen wij naar het water terugkeren

    om onze woorden de golven in te sturen. Daar aan zee,

    waar de bomen ophouden, zwijgen wij en zien hoe

    meeuwen duikvluchten. Hun vleugels zijn onze handen.

  • 2
    3831

    Wij staan niet stil

    1e ronde

    omdat wij geen bomen zijn die groeien

    tot aan de zee. Tussen het klimmen van rook

    en het neerdwarrelen van as oefenen wij

    om blad te zijn en oor voor vleugeldieren.

    Soms begrijpen wij wat droefheid is

    en worden wij landschap met ontbrekende 

    sterren. Ver van het vloeien van vlammen

    schuwen wij vluchtende schaduwen.

    Wij zijn een hoek, een holte in een verzwegen

    vlakte. Wij weigeren het stilzwijgen

    achter de deuren van onze archieven.

    De trappen die wij beklimmen zijn uitgesleten.

    Tussen de stenen die onze vaders legden weten wij

    het traagzout waarvan verdriet gemaakt wordt.

  • 3
    3832

    Zij draagt de dag

    1e ronde

    een zilveren meeuw aan een dunne ketting

    en de kleur van haar ogen struikelt over gras.

    Een man volgt alle bewegingen in de tuin

    waarin zij haar gebaren verborgen heeft.

    De zon verdampt en duiven vallen uit het licht.

    Er verschijnen gaten in de wolken. De man op de bank

    bij het rozenperk wordt verblind en sluit

    zijn ogen. Vleugels bedekken haar borsten.

    Er wordt een raam gesloten in een huis

    op loopafstand van de tuin. In de leegte

    van het venster worden ogen van glas.

    De woorden tussen de vrouw die haar gebaren

    verborgen heeft en de man die alle bewegingen

    volgt vullen de schaduwen van de bomen.

2014
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    3104

    EXODUS

    1e ronde

    In aantal groeiend dragen zij tweekleurige banieren

    en verscheuren de landkaarten aan de muren.

    Hun nieuwe wereld ligt op de bodem van de schreeuw

    van wie zij tegenkomen, zij havenen de hemel 

    daarboven, hakken wolken tot bloedende regen.

    Uit aarde trekken zij de rook van in puin geschoten steden,

    de adembenemende mist uit gebrandschatte dorpen.

    Tralies voor de zon kunnen niet meer smelten, wegwijzers

    verbuigen rivieren vullen zich met kadavers. Wrakken

    en kapotgeslagen huisraad verbergen vluchtelingen.

    Zij luisteren naar stemmen, naar vuren in de vlakten,

    met de handen op de rug beschermen zij hun hoofden.

  • 2
    3108

    GEDICHT VOOR WIE NIET MEER THUISKOMT

    Top 1000

    Er zijn ogen die zij bedekken

    met hun jassen. Hun voeten

    kiezen altijd dezelfde hoeken.

    Zij leunen tegen binnendeuren,

    woonkamers openen zich en zij

    tellen geuren van aanwezigheid.

    Er zijn muren die pas op de plaats maken.

    Meubelen die verstommen. In glaskokers

    hangen lichtlongen van gebroken wit.

    Zij zien hoe getallen digitaal

    verspringen en zij ontsluiten hun

    handen, laten stemmen los.

  • 3
    3105

    ZANDLOPERS

    1e ronde

    Elke avond klimt een anders uitgeknipte maan,

    heilig is het slaaplicht in de bomen, op stille takken waakzame

    nachtvogels, het schrijvend ademen van mens en dier.

    Het zijn jagers die behoedzaam roeiriemen

    tussen de roerloze sparren dragen,

    oogsten maken zich klaar, zij wachten op machines

    die stom tussen tochtige muren in schuren staan.

    Elke nacht kleeft een anders uitgeknipte maan,

    bomen zijn gewijd en huizen gesloten. Zandlopers tussen

    muren en ramen kantelen, breken nieuwe dagen aan.

2013
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    5284

    En als ik de tafel verplaats

    1e ronde

    En als ik de tafel verplaats

    En als ik de tafel verplaats zul jij me dan volgen

    met de stoelen? Zullen we daar dan beiden staan

    in de wetenschap dat al wie daar ooit op stoelen

    aan de tafel zat niet meer of ergens anders ademt?

    Het hout dat mijn handen aanraakt is het hout

    dat jij wegdraagt. Op een avond zullen we daar

    tegenover elkaar aan een maaltijd zitten, onze

    stemmen als bestek naast onze borden gelegd.

    Jouw herinneringen zullen mijn lichaam van toen

    verkennen, mijn handen, weet ik, zijn je meer

    dan dierbaar. Je zegt dat ze vertragen, verstillen.

    Je gelooft heilig dat ze veel kunnen gladstrijken.

    We hebben de tafel en de stoelen verplaatst en zijn

    naast elkaar aan het raam gaan staan. Je hand raakt

    het gordijn, achter ons op tafel ligt ons gebruikt

    bestek op borden, ik hoor mijn handen rimpelen.

  • 2
    5286

    Landschappen

    Top 100

    Landschappen

     

    Wij luisterden naar boodschappen gekrast

    in gescheurde muren, wij huiverden

    onder een grijze, geperforeerde hemel.

     

    Er waren landschappen die wij vermaalden,

    zwerfhonden likten stof van puinhopen.

     

    Er waren dagen die messen legden in lades,

    doden schoven de nachten dicht.

     

    Wij markeerden de wegen van onze aftocht

    met bomen waarachter wij bevend hurkten,

    ons bloed kleurde de schors en we huilden

     

    met wat later syrische tranen genoemd werden.

2012
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    6098

    DICHT HAAR

    1e ronde
    Schrijf een gedicht, giet letters uit
    door grootouders gespaard goud.
    Stel woorden in slagorde op

    als verkleurende terracottabeelden
    in de delta van een brede rivier.
    Zet komma's tussen water en oever,

    leg gedroogde, welriekende kruiden
    tussen de strofen. Kies meer leestekens,
    adem dieper, hou je adem in.

    Breek de dijken, laat het land
    onder water lopen. Schrijf in haar
    belegerde, bestormde aarde. Dicht haar. 
  • 2
    6097

    STILSTAAND BEELD

    1e ronde
    Een man zit in een trein. In plaats van
    zijn mobiele telefoon heeft hij de afstandsbediening
    van de tv meegenomen. Hij hoort de blikkerige beltoon

    van de gsm van het meisje tegenover hem. Weilanden,
    woonwijken, kerken, koterijen flitsen voorbij, zijn duim
    drukt tevergeefs op de toets stilstaand beeld. 
  • 3
    3984

    Wij weten

    Top 1000
    Dat daar de mannen zijn die het staal
    opnieuw harden en aan de trekhaken
    van jeeps nieuwe ploegscharen slaan.

    Terwijl vrouwen wijdbeens zitten en
    tussen opgehaalde bruggen breiwerken
    zeewaarts sturen horen wij verder weer

    het rommelen van oorlogen en kampen.
    Wij weten dat achter de horizon oude
    en nieuwe goden water en ijs mitrailleren,

    wind uit bijeengegraaide bomen hakken,
    met ploegscharen verminken en met priemen
    doorboorde kompasogen aan sterren offeren.